Wat is PGS 37-1?
PGS staat voor Publicatiereeks Gevaarlijke Stoffen. Dat zijn richtlijnen voor het veilig opslaan, gebruiken en vervoeren van gevaarlijke stoffen. PGS 37-1 gaat over energieopslagsystemen met lithiumhoudende energiedragers en een opgesteld vermogen van meer dan 20 kWh. De richtlijn is in december 2023 vastgesteld. In april 2026 is een nieuwe versie online gekomen met dezelfde inhoud.
Het draait om het voorkomen en beperken van een thermal runaway: een ketenreactie waarbij een cel oververhit raakt en brand kan ontstaan. Volgens de veiligheidsregio Midden- en West-Brabant is zo'n brand niet te stoppen, ook niet met een standaard blussysteem. Daarom ligt de nadruk op voorkomen, afstand en een goede aanpak bij een incident.
Is PGS 37-1 verplicht?
Nog niet. Volgens IPLO zijn het opslaan van lithiumbatterijen en het in bedrijf hebben van zo'n systeem nog niet aangewezen als milieubelastende activiteit in het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal). Een wijziging is in voorbereiding. De consultatie liep van 27 maart tot 28 april 2026. Eerder werd 1 januari 2027 genoemd. IPLO verwacht nu dat de wijziging in de loop van 2028 in werking treedt, dus de planning is verschoven.
Tot die tijd kan de richtlijn toch gelden. De gemeente kan PGS 37-1 verplicht stellen via voorschriften in de omgevingsvergunning, via de zorgplicht of via het omgevingsplan. Ook RVO schrijft dat de richtlijn onderdeel kan zijn van uw vergunning. In de praktijk vraagt de gemeente er dus vaak om.
Afstanden: stal, woning en opslag
PGS 37-1 werkt met veiligheidsafstanden tussen de batterij en de terreingrens, andere gebouwen en andere brandbare objecten. Onder brandbare objecten vallen woningen, brandbare opslagen en brandbare gebouwen. Op een boerderij denkt u aan een stal, een schuur of een opslag van hooi, stro of hout.
De hoofdregel is dat het batterijsysteem een brandwerende scheiding van 60 minuten heeft. Afstand kan die scheiding vervangen: bij 10 meter of meer is er geen eis voor brandwerendheid, bij 5 tot 10 meter moet het systeem 30 minuten brandwerend zijn. Binnen die afstand mag geen brandbare opslag liggen. Heeft het systeem een brandpropagatietest gehaald, dan hoeft het niet aan deze maatregel te voldoen.
Tussen containers onderling geldt minimaal 1 meter zijdelings en 2,5 meter in elkaars verlengde. Bij een groter park is dat 2,5 meter, met aan één zijde 4,5 meter voor de bereikbaarheid van hulpdiensten.
Het RIVM publiceerde in april 2025 een rekenmethode en op 10 maart 2026 een aanvulling op de vaste afstandstabellen. De landelijke regels kunnen dus nog veranderen. Dit zijn de afstanden uit de richtlijn, geen garantie voor uw situatie.
Brandweer, bereikbaarheid en bluswater
De veiligheidsregio adviseert de gemeente over brandveiligheid bij vergunningen. De brandweer gebruikt PGS 37-1 daarbij als richtlijn. Betrek de regio daarom vroeg, liefst al in het vooroverleg met de gemeente.
De richtlijn vraagt dat het systeem altijd bereikbaar is voor hulpdiensten, volgens de Handreiking bluswatervoorziening en bereikbaarheid van Brandweer Nederland. Een tijdelijk geplaatst voorwerp, zoals een voerwagen, mag de toegang niet blokkeren. Een park moet via minimaal twee ingangen bereikbaar zijn.
Verder hoort bij elk systeem een noodplan. Daarin staan onder meer contactgegevens, 24/7-alarmering, een plattegrond met bluswatervoorzieningen en informatie over de toegang tot het terrein. Kan het systeem niet aantoonbaar branduitbreiding voorkomen, dan is een bluswateraansluiting van minimaal 1.000 liter per minuut nodig.
Let ook op bluswater. IPLO waarschuwt dat het corrosief en giftig kan zijn. Denk op een erf aan waar het heen stroomt: sloten, een mestkelder of een stalvloer.
Bbl en omgevingsplan
De algemene brandveiligheidseisen voor gebouwen staan in het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl), niet in PGS 37-1. Het Bbl regelt onder meer bluswatervoorzieningen op het terrein, bereikbaarheid voor hulpdiensten en opstelplaatsen voor brandweervoertuigen. Het omgevingsplan van de gemeente kan daar aanvullende regels over stellen.
Op agrarische grond staat in het omgevingsplan meestal niets over een batterij. Dan is een vergunning nodig om af te wijken, en kan de gemeente eisen stellen aan inpassing en veiligheid. Hollands Kroon noemt in het buitengebied bijvoorbeeld dat een bindend advies van de gemeenteraad nodig kan zijn.
Praktische punten voor uw erf
Uit de richtlijn en de adviezen van veiligheidsregio's halen wij deze punten voor een agrarisch bedrijf:
- Kies een plek op voldoende afstand van stallen, woningen en opslag van hooi, stro of hout, en teken die afstanden uit.
- Houd de ruimte tussen en rond de batterijcontainers vrij van begroeiing, obstakels en materiaal. Dat vraagt PGS 37-1 uitdrukkelijk voor de bereikbaarheid.
- Zorg voor een vaste toegang voor de brandweer en houd die vrij van geparkeerde machines en wagens.
- Laat het systeem op afstand bewaken, met een noodstop die ook de brandweer kan bedienen.
- Leg het noodplan vast met de contactgegevens van uzelf, de beheerder en de brandweer, en geef het door aan de veiligheidsregio.
- Bespreek het plan vooraf met de gemeente, de veiligheidsregio en uw verzekeraar. Zo voorkomt u aanpassingen achteraf.
Wat verzekeraars meestal vragen
RVO zegt het kort: laat uw verzekering weten dat u een batterij wilt installeren. Doe dat voordat u bouwt. Een verzekeraar mag bovenop PGS 37 eigen eisen stellen, dus de voorwaarden verschillen per verzekeraar.
Een verzekeraar die zijn voorwaarden publiceert noemt bijvoorbeeld minimale afstanden tot de gevel vanaf een bepaalde omvang, plaatsing buiten of anders alleen in een brandwerend compartiment van 60 minuten met blussysteem, en extra aandacht voor plaatsing dicht bij een stal. Soms vraagt hij een betonnen scheidingswand, of detectie en blussing. Dezelfde verzekeraar adviseert om te bellen voordat u met een leverancier tekent en de installateur bij het gesprek te betrekken. Na plaatsing kan hij het systeem controleren.
In ons model betaalt Rhosus de batterij. Toch kan de komst van een batterij gevolgen hebben voor de verzekering van uw bedrijfsgebouwen. Wij stemmen het plan daarom vooraf met u af, zodat u uw eigen verzekeraar goed kunt informeren.
